Hoe kan de toekomst van onze democratie eruit zien, waarbij representatie gecombineerd wordt met directere vormen inbreng door burgers via samen creëren en beslissen?

Dat is de zoektocht waar ik me al enige jaren mee bezighoud. In het onderzoek dat ik naar deze onderwerpen doe verken ik de nieuwe mogelijkheden die sociale media en andere technieken en middelen (zoals apps, nieuwe besluitvormingsgereedschappen, digitale petities en referenda) bieden met hun beperkingen.

Daarnaast werk ik aan een visie op hoe overheden en politici in de praktijk verstandig met deze ontwikkelingen om kunnen gaan.

Verder onderzoek ik nieuwe vormen van democratie en collectieve besluitvorming waarmee groepen burgers gezamenlijk beslissingen kunnen nemen, zoals holacracy, futarchy en liquid democracy.

Mijn artikelen over sociale media, participatie en politiek kun je hier lezen.

Dilemma’s van de digitale democratie

Sociale media en andere technieken kunnen de digitale participatie van burgers bij bestuur en politiek vergroten. En dat tijdens allle fasen van het politieke proces: van het agenderen van politieke thema’s, het bijdragen aan politieke voorstellen tot het transparant maken van politieke besluitvorming. Bovendien zouden deze middelen burgers kunnen faciliteren om zelf maatschappelijke vraagstukken op te pakken via co-creatie en zelforganisatie.

Tegelijkertijd worden daarmee nieuwe verwachtingen gecreëerd over de invloed en inspraak die burgers hebben: betekent ‘luisteren naar de burger’ dat letterlijk overgenomen wordt wat een meerderheid roept zonder dat de representativiteit van die groep bekend is? Ook verliezen overheden en politici een deel van hun gezag en invloed, bestaande komen instituties onder druk te staan.

De veelheid aan digitale middelen kan worden ingedeeld volgens het onderstaande model waarbij de interactie tussen burger en politicus centraal is gesteld.

participatiemodel-digitale-democratie2

Grenzen aan participatie

In de troonrede sprak de koning van een ‘participatiesamenleving’. De kerngedachte hierbij: van burgerparticipatie naar overheidsparticipatie en van een passieve burger naar een doe-democratie. Maar daarmee is lang niet alles gezegd. Uit onderzoek (inclusief mijn eigen onderzoek, zie ‘Veel gekwetter, weinig wol’) blijkt dat slechts een kleine elite van burgers actief participeert. En wat te doen als burgerinitiatieven elkaar gaan raken? Was de overheid er niet juist om dit soort lastige beslissingen te nemen en conflicterende belangen af te wegen? Waar ligt de balans tussen bottom up en top down, tussen het verticale en horizontale? En is de ‘participerende samenleving’ niet een mooi excuus om te bezuinigen op sociale zekerheid en de problemen over te hevelen naar burgers?

De grenzen aan participatie worden gevormd door:

  • kunnen: burgers beschikken niet over de competenties, tijd, vaardigheden, mondigheid of andere middelen om langdurig te participeren;
  • willen: burgers hebben geen zin, aandacht of interesse in langdurige projecten en bijbehorende druk en verplichtingen, zeker als die niet direct hun eigen belang raken;
  • mogen: de overheid is er om conflicterende belangen en visies af te wegen namens rekening houdend met alle burgers, ook de minderheid; de overheid heeft monopolie op het gebied van geweld; burgerinitiatieven kunnen interfereren met het algemene belang, opsporing en veiligheid.

Sociale media en de politiek

Tijdens de verkiezingen spelen sociale media een steeds grotere rol. Inmiddels is sociale media monitoring en het gericht aanspreken van doelgroepen onderdeel van elke campagne. Sociale media worden een steeds betere vorm van opiniepeilen die zelfde bestaande peilingen naar de kroon kan gaan steken. Bovendien is het mogelijk om burgers te betrekken bij het opstellen van partijprogramma’s en het voeren van campagne, iets waar Obama in 2008 en Bernie Sanders in 2016 een belangrijk deel van hun succes hebben te danken.

Lees hier mijn artikelen over het gebruik van sociale media tijdens de verkiezingen

De toekomst van politieke partijen

ROB Politieke partijen rapport

Hoe kunnen politieke partijen hun relatie met de samenleving versterken met behulp van nieuwe technieken zoals sociale media monitoring, collectieve besluitvormingsgereedschappen, smart cities en interactieve omgevingen?

Dat beschrijf ik in mijn visie op de toekomst van politieke partijen voor een essaybundel van de Raad voor het Openbaar Bestuur.

De ontwikkelingen stellen politieke partijen wat mij betreft voor de vraag wat ze willen zijn: de grootste en de meerderheid of een moreel kompas voor het maken van lastige keuzes?

Lees meer in dit artikel via deze link.

Gebruik van sociale media door politici

veel-gekwetter-frontEnkele jaren geleden deed ik samen met Chris Aalberts onderzoek onderzoek naar het gebruik van sociale media door overheid, politici en burgers.

Daarvoor analyseerden we onder andere Hyves-pagina’s, Twitterberichten en Overheid 2.0-initiatieven en interviewden we ambtenaren, politici en burgers. We keken breder dan de bekende voorbeelden die als succesvol worden beschouwd en naar de bredere motieven erachter. Het onderzoek leverde waardevolle inzichten op over het huidige gebruik van sociale media door overheden en politici en motivaties en intenties van burgers.

Lees hier meer over ons boek en de uitkomsten.

Onafhankelijke journalistiek

Een vitale democratie kan niet zonder een kritische en onafhankelijke journalistiek. Deze wereld staat momenteel onder druk en is flink aan het veranderen. Meer hierover kun je lezen op mijn pagina over de toekomst van de journalistiek.

Verkiezingen en sociale media

Sociale media spelen een steeds belangrijkere rol in de verkiezingen. Ze bieden een manier voor politici om hun boodschap rechtstreeks naar burgers te sturen zonder tussenkomst van de media. Ook worden sociale mediaberichten steeds vaker gebruikt als een nieuwe vorm van opiniepeilen.

Lees hier meer over de toepassingen, mogelijkheden en kritische vragen die dit oplevert.

Credits hoofdafbeelding: Crowdflik.com, crowd powered video.