Ik volg de ontwikkelingen van de deeleconomie al vanaf het begin. Ik spreek met initiatiefnemers en onderzoek nieuwe verdien- en besturingsmodellen. Momenteel zoek ik naar ‘eerlijke deelplatformen’. Eerlijk zullen we alles delen?

Delen en samenwerken

Dankzij internet zijn er nieuwe mogelijkheden om samen te werken en te delen. Wat begon met het delen van onze gedachten en emoties is inmiddels aan een tweede leven toe: het delen van fysieke goederen en het leveren van diensten.

Via platformen als Airbnb, Uber, Helpling, Peerby, Thuisafgehaald en Konnektid, kunnen losse individuen elkaar gemakkelijker dan ooit vinden en op grotere schaal persoonlijke diensten verlenen en producten aan elkaar verkopen of met elkaar delen.

De platformen vervullen de rol van intermediair: ze brengen meerdere vragers en aanbieders samen, laten de interactie tussen beide partijen soepeler verlopen (zoals het elkaar vinden, het maken afspraken, afhandelen van betalingen), en zorgen voor een bepaalde mate van continuïteit in de dienstverlening (door meerdere vragers en aanbieders te bundelen).

Opgeteld is er een heel spectrum aan mogelijkheden voor samenwerking aangeduid met verschillende begrippen: sharing economy, coproduction, collaborative economy, gig economy, collaborative consumption, crowdsourcing en in het Nederlands: deeleconomie. Door nieuwe dienstverleners is het delen al lang niet meer beperkt tot een selectie groep fanatieke ‘delers’. Dat blijkt ook uit het succes van onder meer Airbnb.

Deeleconomie

Wetenschappers proberen de deeleconomie of collaborative economy met definities af te bakenen in een poging er zo wetenschappelijk en beleidsmatig meer grip op te krijgen.

Frenken en Meelen [Universiteit Utrecht]  definiëren de deeleconomie als:

het fenomeen dat consumenten elkaar gebruik laten maken van hun onbenutte consumptiegoederen, eventueel tegen betaling.

Hiermee beperken zij het fenomeen tot:

  • consumenten onderling: dus geen bedrijven die spullen verhuren of leasen;
  • onderbenutte capaciteit: dus een autorit die je toch al zou maken, een huis dat je toch al hebt en ongebruikt is een paar weken per jaar;
  • tijdelijke toegang: dus je blijft zelf de hoofdeigenaar en draagt je bezit niet over (zoals bijv. tweedehands kleren) maar verleent anderen toegang tot je product of dienst.

Toch helpt deze definitie ons maar weinig in een tijd waarin de grenzen tussen diverse vormen van delen en diensten verlenen steeds meer aan het vervagen zijn.

Ik zou de deeleconomie liever ruimer definiëren als:

het fenomeen dat partijen (burgers, consumenten, organisaties) met elkaar ‘samenwerken’ door diensten aan elkaar te leveren of goederen met elkaar te delen, al dan niet tegen betaling, via het internet of een ander coördinerend systeem (een platform).

Onbenutte capaciteit?

De deeleconomie maakt het mogelijk om de capaciteit van een product, bijvoorbeeld een auto of heggenschaar, beter te benutten door te zorgen dat deze efficiënter wordt benut. Ook kunnen mensen die aan de zijlijn staan of zwart werken geactiveerd worden. Alles bij elkaar zorgt dit ervoor dat een extra capaciteit in de samenleving wordt benut om ermee de algehele welvaart te vergroten.

In de praktijk lopen allerlei vormen door elkaar heen. Denk ook aan de diensten van Uber. Waarbij in het ene geval je iemand meeneemt op een rit die je toch al ging rijden en in het andere geval (UberBlack) een chauffeur een rit uitvoert speciaal omdat er een verzoek binnenkomt. Daar komt bij dat het delen zich niet hoeft te beperken tot peer-to-peer of consumenten onderling, ook in het bedrijfsleven wordt gedeeld, bijv. het netwerk Floow.

Dat betekent ook dat de deeleconomie niet slechts over ‘onbenutte capaciteit’ gaat die per definitie welvaartverhogend is en duurzaam (door meer efficiënte benutting van middelen), maar dat er ook sprake is van verdringing en concurrentie. In bepaalde gevallen zelfs oneigenlijke en oneerlijke concurrentie. De deeleconomie is nog volop in ontwikkeling en de komende jaren zullen we nieuwe vormen gaan zien en moeten ontdekken die recht doen aan de zorgen.

Tijdelijke toegang?

De initiatieven die we in de deeleconomie kunnen ook interessant zijn als nieuwe flexibele organisatievormen. Wel roept dit discussies over werkgeverschap en arbeidszekerheid op. De toegang die partijen anderen geven tot hun goederen kan tijdelijk zijn maar ook een structureel karakter hebben, zoals de WiFi hotspots die bezitters van een WiFi-modem aan elkaar beschikbaar stellen.

Consument of ondernemer?

De grens tussen consument en ondernemer vervaagt door de deeleconomie. Het voorbeeld van Airbnb laat dit mooi zien: het onderscheid tussen een ondernemer, huisjesmelker en een particulier is lastig te trekken. Wanneer de inkomsten significant zijn kan dit een reden op zichzelf worden om een bepaald huis te kopen of een hogere prijs ervoor te betalen. De gemeente Amsterdam beperkt de duur van Airbnb tot 60 dagen per jaar.

Lees ook: De deeleconomie maakt de hervorming van de arbeidsmarkt nog urgenter

De toekomst van delen

Het delen en uitwisselen via het web en via platformen kan leiden tot nieuwe vormen van organisaties die autonoom en zonder centrale sturing opereren. Deze zogeheten decentralized autonomous organizations, lijken op zelforganiserende zwermen van gelijken, ook wel peer-to-peer organizations genoemd (crowd companies). Ze zouden centraal geleide organisaties en instituties kunnen vervangen en flexibel en wendbaar opereren en snel opschalen.

Lees meer in mijn thema wisdom of crowds.

Platformen

Kenmerkend voor vrijwel alle initiatieven is dat platformen een cruciale intermediaire functie vervullen. Ze brengen meerdere vragers en aanbieders samen en vergemakkelijken (in economische termen: verlagen de transactiekosten) de uitwisseling tussen deze twee partijen o.a. door overzicht te bieden, betalingen af te handelen en te zorgen voor kwaliteitsbewaking.

Dit gebeurt veelal via wederzijdse beoordelingen waarmee iemands reputatie kan worden ingeschat zonder dat je een persoon al hoeft te kennen. Platformen als Airbnb en Peerby zijn marktplaatsen waar gebruikers zelf kunnen kiezen uit een overzichtelijk aanbod. Platformen als Uber matchen vragers en aanbieders via een algoritme.

Platformen maken samenwerking eenvoudiger, grootschaliger en automatisch.

Platformen kunnen razendsnel opschalen omdat ze niet gehinderd worden door een log apparaat, grote voorraden, fabrieken of personeel en vele afdelingen. Bovendien kunnen ze gebruik- maken van netwerkeffecten die ervoor zorgen dat producten en diensten aantrekkelijker worden als er meer producenten en consumenten zijn. Neem taxidienst Uber als typisch voorbeeld: hoe meer taxichauffeurs, hoe beter de dienstverlening aan de consument, en meer consumptie in een bepaald gebied maakt het aantrekkelijk om daar chauffeur te zijn.

Lees meer over platformen, waar ik uitgebreid onderzoek naar deed en boeken over schreef.

Lees ook: De deeleconomie heeft platformen als Uber nodig

Grote diversiteit aan initiatieven

De diversiteit aan ‘deelplatformen’ is inmiddels enorm en blijft groeien. Steeds meer sectoren krijgen te maken met nieuwe platformen die bestaande spelers uitdagen. Hieronder een greep uit het aanbod, regelmatig valt er een speler af of komt er een nieuwe bij. Deze opsomming laat een grote diversiteit aan platformen zien, die niet allemaal in de strenge definitie passen die we hierboven noemden.

  • Klussen en diensten:
    Helpling (huishoudelijke hulp en schoonmaak), Croqqer (betaal, ruil of vind klusjes), Hulpje, Werkspot.nl, Floow2
  • Autodelen en huren: het elkaar verhuren of lenen van auto’s en andere voortuigen. Voorbeelden: SnappCar (auto huren van je buren), MyWheels (auto huren aan/van je buren of van MyWheels), Uber (taxi-en bezorgdiensten), BlaBlaCar (carpoolen), WeGo (zakelijke autodelen), Toogethr (carpooling, samen naar het werk), StappIn, Splitcar, Car2Go (autoverhuur, Daimler), ANWB AutoMaatje (vrijwilligers halen en brengen minder mobiele burgers).
  • Eten en dineren: goedkopere en gevarieerdere alternatieven voor de afhaalchinees en restaurants. Voorbeelden: ThuisAfgehaald (betaalde maaltijden afhalen bij thuiskoks), EatWith (eten bij hobbykoks, in Amsterdam), AirDnD (thuis eten bij hobbykoks in een restaurantsfeer), Mealby (catering), WithLocals (locals laten je de stad zien en koken voor je. In Amsterdam en Eindhoven).
  • Groene stroom: alternatieve energieleveranciers van groene stroom. Vandebron (duurzame energie geproduceerd door kleine lokale producenten zoals boeren), ZonnePanelenDelen, Doneer de zon, de WindCentrale, Powerpeers.
  • Zorg. WeHelpen, Charly Cares, Zorg voor Elkaar
  • Kamers en kantoorruimte.
  • Spullen en goederen lenen. Peerby, Huren van buren, Krijg de kleertjes, De Kledingbibliotheek, Rewear, Deelit (campers, caravan, studieboeken).

Zie in de onderstaande figuur een poging om de initiatieven te ordenen.

Kwadranten eerlijke platformen.MK
Indeling van deelplatformen naar mate van hun sociale nut en organisatievorm. CC: BY Maurits Kreijveld. Wisdomofthecrowd.nl

Eerlijke platformen

Er is de laatste jaren veel discussie ontstaan over de deeleconomie. De term ‘delen’, ‘sharing’ en ‘collaborative’ suggereert hele sociale en maatschappelijk verantwoorde initiatieven. In de praktijk worden veel platformen echter gerund van een centraal hoofdkantoor en zijn ze gericht op winstmaximalisatie. Tegelijkertijd ontwijken ze bestaande belastingen en hebben ze liefst geen personeel in dienst.

Steeleconomie?

Er is een toenemende discussie over de vraag: zijn de platformen wel eerlijk? Wie profiteren ervan? Waar slaan de inkomsten neer? Er is behoefte aan nieuwe verdienmodellen waarbij de waarde die de platformen genereren en die het samen delen losmaakt, ook voor een belangrijk deel lokaal neer te laten slaan, zodat lokale gemeenschappen ervan profiteren. Dat betekent dat er gezocht moet worden naar besturingsmodellen en verdienmodellen die hierbij aansluiten.

En wat te denken van de economisering van onze samenleving als we onze sociale relaties en de bereidheid om elkaar te helpen en te delen gaan uitdrukken in geld?

Ervaringen van de afgelopen decennia met crowdsourcing en zelforganisatie leren dat ‘alles delen en samen doen’ in de praktijk niet zomaar vanzelf werkt en blijft werken: vaak komt na verloop van tijd de klad in initiatieven, is er sprake van uitsluiting of gaan initiatieven met elkaar conflicteren. De rol van overheden (voor democratische legitimering) en bedrijven (voor professionaliseren dienstverlening en continuïteit) komt dat weer in beeld.

Deeleconomie in steden

Diverse steden onderzoeken hoe ze de deeleconomie kunnen gebruiken om hub stad te versterken en publieke diensten te vernieuwen met betrokkenheid van burgers. Steden die hierin voorop lopen zijn o.a. Amsterdam, Stockholm en Gent. Ze noemen zichzelf ‘sharing cities’ en zitten dit in als city marketing.

Principes van de deeleconomie zouden gebruikt kunnen worden om talloze (sociale) voorzieningen in de stad zoals mobiliteit, zorg en veiligheid met minder geld en meer betrokkenheid te kunnen realiseren.

Credits afbeelding: CC: BY Carlos Maya, via Flickr