Ik volg de ontwikkelingen van de deeleconomie al vanaf het begin. Momenteel zoek ik naar ‘eerlijke deelplatformen’. Eerlijk zullen we alles delen?

Delen

Dankzij internet zijn er nieuwe mogelijkheden om samen te werken en te delen. Wat begon met het delen van onze gedachten en emoties is inmiddels aan een tweede leven toe: het delen van fysieke goederen en het leveren van diensten.

Opgeteld is er een heel spectrum aan mogelijkheden voor samenwerking aangeduid met verschillende begrippen: sharing economy, coproduction, collaborative economy, collaborative consumption, crowdsourcing en in het Nederlands: deeleconomie. Ik onderzoek al jaren deze nieuwe ontwikkelingen en nieuwe verdien- en organisatiemodellen en spreek daarvoor initiatiefnemers.

Dit delen en uitwisselen kan leiden tot nieuwe vormen van organisaties die autonoom en zonder centrale sturing opereren. Deze zogeheten decentralized autonomous organizations lijken op zelforganiserende zwermen van gelijken, ook wel peer-to-peer organizations genoemd. Ze zouden centraal geleide organisaties en instituties kunnen vervangen en flexibel en wendbaar opereren en snel opschalen. Lees meer hierover in mijn thema wisdom of crowds.

Definitie

Verschillende wetenschappers hebben geprobeerd om de deeleconomie of collaborative economy met definities af te bakenen in een poging er zo wetenschappelijk en beleidsmatig meer grip op te krijgen.

Frenken en Meelen [Universiteit Utrecht]  definiëren de deeleconomie als:

het fenomeen dat consumenten elkaar gebruik laten maken van hun onbenutte consumptiegoederen, eventueel tegen betaling.

Hiermee beperken zij het fenomeen tot:

  1. consumenten onderling: dus geen bedrijven die spullen verhuren of leasen;
  2. onderbenutte capaciteit: dus een autorit die je toch al zou maken, een huis dat je toch al hebt en ongebruikt is een paar weken per jaar;
  3. tijdelijke toegang: dus je blijft zelf de hoofdeigenaar en draagt je bezit niet over (zoals bijv. tweedehands kleren) maar verleent anderen toegang tot je product of dienst.

Grenzen vervagen

Toch helpt deze definitie ons maar weinig in een tijd waarin de grenzen tussen diverse vormen van delen en diensten verlenen steeds meer aan het vervagen zijn. Het voorbeeld van Airbnb laat dit mooi zien: de grens tussen een ondernemer, huisjesmelker en een particulier is lastig te trekken, wanneer de opbrengsten significant zijn (€ 3.000 per jaar dan kan dit een reden zijn om een bepaald huis te kopen of een hogere prijs te betalen. Een reden voor de gemeente Amsterdam om de duur van Airbnb in te perken tot 60 dagen.

In de praktijk lopen de vormen door elkaar heen. Denk ook aan de diensten van Uber. Waarbij in het ene geval je iemand meeneemt op een rit die je toch al ging rijden en in het andere geval (UberBlack) een chauffeur een rit uitvoert speciaal omdat er een verzoek binnenkomt.

Dat betekent ook dat de deeleconomie niet slechts over ‘onbenutte capaciteit’ gaat die per definitie welvaartverhogend is en duurzaam (door meer efficiënte benutting van middelen), maar dat er ook sprake is van verdringing en concurrentie. In bepaalde gevallen zelfs oneigenlijke en oneerlijke concurrentie. De deeleconomie is nog volop in ontwikkeling en de komende jaren zullen we nieuwe vormen gaan zien en moeten ontdekken die recht doen aan de zorgen.

De term collaborative economy lijkt voorlopig het beste de lading te dekken met dien verstande dat er geen sprake hoeft te zijn van actieve samenwerking maar dat deze ook via technologie of een platform als tussenpersoon kan verlopen.

Platformen

Kenmerkend voor vrijwel alle initiatieven is dat platformen een cruciale intermediaire functie vervullen. Deze brengen meerdere vragers en aanbieders samen en vergemakkelijken (in economische termen: verlagen de transactiekosten) de uitwisseling tussen deze twee partijen o.a. door overzicht te bieden, betalingen af te handelen en te zorgen voor kwaliteitsbewaking. Dit gebeurt veelal via wederzijdse beoordelingen waarmee iemands reputatie kan worden ingeschat zonder dat je een persoon al hoeft te kennen. Platformen als Airbnb en Peerby zijn marktplaatsen waar gebruikers zelf kunnen kiezen uit een overzichtelijk aanbod. Platformen als Uber matchen vragers en aanbieders via een algoritme.

Dankzij platformen is het veel gemakkelijker geworden om gebruik te maken van de geleverde diensten, als taxi’s en overnachtingen, en om zelf je producten en diensten aan te bieden. Daarmee is de schaal van deze diensten, tot voor kort beperkt tot een harde kern fanatieke gebruikers, enorm toegenomen.

Lees meer over platformen, waar ik uitgebreid onderzoek naar deed en boeken over schreef.

Platformen kunnen razendsnel opschalen omdat ze niet gehinderd worden door een log apparaat, grote voorraden, fabrieken of personeel en vele afdelingen. Bovendien kunnen ze gebruik- maken van netwerkeffecten die ervoor zorgen dat producten en diensten aantrekkelijker worden als er meer producenten en consumenten zijn. Neem taxidienst Uber als typisch voorbeeld: hoe meer taxichauffeurs, hoe beter de dienstverlening aan de consument, en meer consumptie in een bepaald gebied maakt het aantrekkelijk om daar chauffeur te zijn.

Lees ook: De deeleconomie heeft platformen als Uber nodig

Grote diversiteit

De diversiteit aan ‘deel’platformen is inmiddels enorm. Steeds meer sectoren krijgen te maken met nieuwe platformen die bestaande spelers uitdagen. Hieronder een greep uit het aanbod, regelmatig valt er een speler af of komt er een nieuwe bij. Deze opsomming laat een grote diversiteit aan platformen zien, die niet allemaal in de strenge definitie passen die we hierboven noemden.

  • Klussen en diensten:
    Helpling (huishoudelijke hulp en schoonmaak), Croqqer (betaal, ruil of vind klusjes), Hulpje, Werkspot.nl, Floow2
  • Autodelen en huren: het elkaar verhuren of lenen van auto’s en andere voortuigen. Voorbeelden: SnappCar (auto huren van je buren), MyWheels (auto huren aan/van je buren of van MyWheels), Uber (taxi-en bezorgdiensten), BlaBlaCar (carpoolen), WeGo (zakelijke autodelen), Toogethr (carpooling, samen naar het werk), StappIn, Splitcar, Car2Go (autoverhuur, Daimler), ANWB AutoMaatje (vrijwilligers halen en brengen minder mobiele burgers).
  • Eten en dineren: goedkopere en gevarieerdere alternatieven voor de afhaalchinees en restaurants. Voorbeelden: ThuisAfgehaald (betaalde maaltijden afhalen bij thuiskoks), EatWith (eten bij hobbykoks, in Amsterdam), AirDnD (thuis eten bij hobbykoks in een restaurantsfeer), Mealby (catering), WithLocals (locals laten je de stad zien en koken voor je. In Amsterdam en Eindhoven).
  • Groene stroom: alternatieve energieleveranciers van groene stroom. Vandebron (duurzame energie geproduceerd door kleine lokale producenten zoals boeren), ZonnePanelenDelen, Doneer de zon, de WindCentrale, Powerpeers.
  • Zorg. WeHelpen, Charly Cares, Zorg voor Elkaar
  • Kamers en kantoorruimte.
  • Spullen en goederen lenen. Peerby, Huren van buren, Krijg de kleertjes, De Kledingbibliotheek, Rewear, Deelit (campers, caravan, studieboeken).

Er worden vaak indelingen gemaakt op basis van commercieel of sociaal, en er wordt gezocht naar een definitie voor afbakening.

Steelconomie: eerlijk zullen we alles delen?

Er is de laatste jaren veel discussie ontstaan over de deeleconomie. De term ‘delen’, ‘sharing’ en ‘collaborative’ suggereert hele sociale en maatschappelijk verantwoorde initiatieven. In de praktijk worden veel platformen echter gerund van een centraal hoofdkantoor en zijn ze gericht op winstmaximalisatie. Tegelijkertijd ontwijken ze bestaande belastingen en hebben ze liefst geen personeel in dienst.

Er is een toenemende discussie over de vraag: zijn de platformen wel eerlijk? Wie profiteren ervan? Waar slaan de inkomsten neer? Er is behoefte aan nieuwe verdienmodellen waarbij de waarde die de platformen genereren en die het samen delen losmaakt, ook voor een belangrijk deel lokaal neer te laten slaan, zodat lokale gemeenschappen ervan profiteren.

En wat te denken van de economisering van onze samenleving als we onze sociale relaties en de bereidheid om elkaar te helpen en te delen gaan uitdrukken in geld?

Eerdere ervaringen met crowdsourcing en zelforganisatie leren dat ‘alles delen en samen doen’ in de praktijk niet zomaar vanzelf werkt en blijft werken: vaak komt na verloop van tijd de klad in initiatieven, is er sprake van uitsluiting of gaan initiatieven met elkaar conflicteren. De rol van overheden (voor democratische legitimering) en bedrijven (voor professionaliseren dienstverlening en continuïteit) komt dat weer in beeld.

Sharing cities

Diverse steden onderzoeken hoe ze de deeleconomie kunnen gebruiken om hub stad te versterken en publieke diensten te vernieuwen met betrokkenheid van burgers. Steden die hierin voorop lopen zijn o.a. Amsterdam, Stockholm en Gent.

Credits afbeelding: CC: BY Carlos Maya, via Flickr : https://www.flickr.com/photos/carlos_maya/