De verbeterde mens (human enhancement)

Al sinds zijn ‘ontstaan’ is de mens onlosmakelijk verbonden met technologie en gebruikt hij technologie als een verlengstuk van zichzelf. Voortdurend zijn we bezig om onszelf als mens te verbeteren met deze nieuwe technologie, door onszelf uit te breiden met technologie, onze genen te repareren, defecte onderdelen te vervangen en onszelf te versterken.

Bril, gehoorapparaat en pacemaker zijn al volledig ingeburgerd. Met draagbare horloges en smartphones is technologie de afgelopen jaren steeds dichter bij ons komen te staan: we dragen het op ons lichaam. Naast een slimme bril en oordopjes wordt ook hard gewerkt aan een ‘breinhelm’. Daarbij wordt niet alleen naar medische toepassingen gekeken maar ook al gekeken naar consumententoepassingen zoals gaming.

De stap naar slimme implantaten worden steeds kleiner: het is een kwestie van tijd tot we onze betaalpas laten injecteren in onze arm (doen sommigen nu al) of ons laten inspuiten met nanobots, kleine machientjes die in onze bloedbaan onze weerstand gaan versterken? Of trekken we een ‘robotpak’ aan, een exo-skelet, waarmee ouderen en invaliden weer kunnen lopen zonder te steunen op een looprek en waarmee we zware spullen in de bouw kunnen tillen? De technologieën hiervoor worden momenteel ontwikkeld.

Playing God: de mens als schepper

We zijn op weg naar een toekomst waarin we zullen samenleven met een technologie die slimmer is dan wijzelf, die zichzelf kan vermenigvuldigen en die intiem met ons verweven zal zijn. Je zou het een levensvorm kunnen noemen. Is het onderscheid tussen mens en machine dan nog te maken? Deze ontwikkelingen leiden tot talloze strategische en maatschappelijke vragen.

Onsterfelijkheid: het eeuwig leven?

Op allerlei manieren zijn we bezig om steeds ouder te worden, denk aan nieuwe medicijnen, orgaantransplantaties (zelfs gekweekt van dieren) en vervangingen van heupen door kunstmatige, 3D-geprinte onderdelen, implanteerbare chips waarmee we beter kunnen zien en horen. Door deze technieken en door gezond te blijven leven zal een leeftijd van 100 steeds gewoner worden.

Het lijkt ook slechts een kwestie van tijd voor de ons brein kunnen uploaden in de computer: de rekencapaciteit van computers blijft jaarlijks exponentieel groeien en ook met de complexiteit van de vele verbindingen in ons brein kunnen we steeds beter over weg.

Kunstmatig intelligentie leert ons kennen en kan nu al antwoorden geven namens ons, op een manier zoals wij het geformuleerd zouden hebben en met onze stem en ons uiterlijk. (zie dit artikel). Zo beschikken we tijdens en na onze dood over een digitale ‘kopie’ (digital twin) van onszelf in de computer. Een volgende stap zou kunnen zijn om dit brein in te bouwen in een levensecht robotlichaam, waar men in China en Japan al hard aan werkt. Lees verder hierover: Hebben we het eeuwige leven?

En wat is ‘leven’ nog en wat is de zingeving ervan als het alsmaar doorgaat en als we de buitenkant vervangen en steeds meer ingrijpen? Wat betekent het voor onze samenleving als oudere generaties blijven bestaan naast de nieuwere? Over vijftig jaar zullen er meer ‘doden’ dan levenden zijn op Facebook. Er zit in veel van de “technologische oplossingen” een maakbaarheidsdenken. Wat versta je onder ware menszijn? Er is een contrast met de grote rituelen en spiritualiteit waarmee we millennia lang hebben leren omgaan met onze sterfelijkheid en eindigheid, met het verdriet bij de nabestaanden en met respect voor de dood. Zie ook Collectieve intimiteit. Hierin verken ik een toekomst waarin we tot meer empathie zouden kunnen komen (zoals in de film Avatar, de ‘Tree of Life’).

Organisaties van mensen en machines

Een van die vragen, naast vele maatschappelijke en morele, ethische, is de vraag hoe mens en kunstmatige intelligentie in de toekomst gaan samenwerken. Hoe kan dit leiden tot meer collectieve intelligentie:

Hoe kan een systeem van mensen en kunstmatige intelligente systemen (fysiek al dan niet virtueel) zodanig samenwerken dat de soms van de delen de individuele bijdragen overstijgt?

Gaan we in de toekomst een zesde zintuig krijgen waarmee we kunnen samenwerken met anderen, net zoals groepen spreeuwen samen kunnen zwermen als ze de oversteek over de Middellandse Zee maken?

Lees ook mijn artikel: Samen slimmer of samen dommer? en Collectieve intimiteit. Hierin verken ik een toekomst waarin we tot meer empathie zouden kunnen komen (zoals in de film Avatar, de ‘Tree of Life’) als tegenhanger van het kille beeld van The Borg.

Symbiose

Hoe zal mens in de toekomst gaan samenleven met andere ‘mensachtigen’? In science fiction verhalen en films hebben we daar al een eerste voorproefje van gekregen.

De verbeterde mens: de cyborg

De mens is bezig steeds meer te versmelten met technologie: met implantaten en gentherapie verbetert hij zichzelf.

De avatar

Kunstmatige intelligentie neemt momenteel een hoge vlucht. Computers worden steeds menselijker en begrijpen onze taal en communiceren in dezelfde vorm. Dankzij rekenkracht worden computersystemen daarmee snel slimmer. Nu het internet vrijwel overal is en alle apparaten en objecten met internet verbonden worden, kan de Avatar zich ook overal om ons heen bewegen. Als we in de toekomst ons brein met internet kunnen verbinden ontstaat een hele nieuwe dimensie. Kunnen we onszelf uploaden in de computer en een digitale tweeling krijgen die zich precies hetzelfde gedraagt als wij zelf?

De robot

De robot sluit nauw aan bij de kunstmatig intelligentie avatar die we hiervoor al zagen. Een belangrijk verschil is dat de robot beschikt over een fysieke verschijningsvorm: een lichaam waarmee het zich kan verplaatsen, handelingen kan verrichten en wellicht ook anders zal evolueren dan de Avatar. Hoe menselijk zal de robot eruit gaan zien? In Japan en China is men vergevorderd met de ontwikkeling van een robot die amper te onderscheiden is van mensen. Anderen pleiten ervoor dat robots er juist bewust niet menselijk uit zouden moeten zien.

De mutant

We kennen het uit de stripverhalen en films van Marvel en anderen: mensen met bijzondere eigenschappen, bijvoorbeeld afkomstig van dieren zoals spinnen, vissen, hagedissen en kameleons.

We krijgen steeds meer greep op onze genen, het is al mogelijk om stukjes DNA te lezen en schrijven. We vinden het al geel gewoon om de genen van planten aan te passen en stukjes vreemd DNA uit de ene soort in te brengen in een andere.

Naast volledig nieuwe levensvormen maakt het wellicht ook mogelijk dat we onszelf eigenschappen gaan geven van andere dieren? Misschien hebben we het ooit nodig om aan een dodelijke ziekte te ontkomen die grote bevolkingsgroepen bedreigt. En werden onze genen ook al niet millennia lang gewijzigd door virussen die zich erin vestigden?

Toekomstverkenning De Mens in 2050 (MK, 17-09-10)_1 kopie