Energietransitie: tijd voor een routekaart naar de realiteit

Voorbij meningen en wensbeelden

Hoe kan de overheid grip krijgen op de energie-transitie met draagvlak bij bedrijven en burgers? Het antwoord is eenvoudig: met roadmaps. Zonder roadmaps gaat de energie-transitie niet lukken.

Dit artikel verscheen in editie 20 van PubliekDenken, een tijdschrift voor de publieke sector. Afbeelding uit PD20 door: Dimitry de Bruin.

Het afgelopen jaar werd het Klimaatakkoord gepresenteerd. Bijna tegelijkertijd werd het kabinet overvallen door maatschappelijke protesten van boeren, leraren, verplegers en bouwers. Ministers moesten overuren maken om hun beleid op het gebied van bijvoorbeeld stikstof en CO2 bij te stellen om te voorkomen dat Nederland “stil zou vallen”: de rechter bepaalde meerdere malen dat Nederland zich niet aan de eigen doelstellingen hield (o.a. zaak Urgenda).

Maar hoe haalbaar zijn doelen en hoe planbaar is de energietransitie? De tijd dat de overheid een transitie kon dicteren, ligt achter ons: een belangrijk deel van nieuwe technologieën en de uitrol van netwerken komen tegenwoordig vanuit de markt en burgers kunnen kiezen uit meerdere technologie-opties zelf het moment bepalen waarop zij hun woning, vaak individueel, verduurzamen.

Onzekere toekomst

Een transitie is omgeven door grote onzekerheden en door een niet-lineair verloop: in het begin is er vaak laaghangend fruit (bijvoorbeeld zonnepanelen, wind op zee) maar ook nog relatief veel weerstand tegen vernieuwing (zoals warmtepompen). Vaak bouwt zich pas na verloop van tijd draagvlak op voor het nieuwe en kantelt het sentiment: het nieuwe wordt de norm (denk aan niet-roken), dan kunnen ontwikkelingen ineens heel snel, zelfs exponentieel gaan.

Nieuwe technologieën krijgen te maken met een “vallei des doods”

Momenteel worden we overspoeld door ideeën en projectvoorstellen voor nieuwe duurzame technologieën die de bestaande moeten gaan opvolgen of aanvullen. Voor het merendeel hiervan geldt dat het nog minstens 10 jaar zal duren voor ze commercieel verkrijgbaar zijn en ze op grote schaal een bijdrage kunnen leveren aan klimaatdoelen. Tegelijkertijd zijn technologische vondsten nog geen garantie op maatschappelijke door- braken: nieuwe technologieën krijgen te maken met een “vallei des doods”: slechts enkele komen door een moeilijke beginfase heen en worden breed geaccepteerd en opgeschaald om economisch gezien concurrerend en betaalbaar te zijn.

(Zie onder andere dit rapport van het Planbureau voor de Leefomgeving met een economische theorie voor de vallei des doods, die gezien kan worden als het niet goed functioneren van de financieringsketen en daarmee overheidsingrijpen legitimeert. Duurzame projecten hebben hier extra last van. Het Ministerie van EZK heeft daarom ook generiek beleid om deze vallei te overbruggen en met het investeringsfonds Invest-NL (Wouter Bos) worden risicovolle projecten in deze opstartfase gefinancierd.)

Het risico van wensbeelden

Vanuit het vak van toekomst verkennen weten we hoe verleidelijk het is om te werken met wenselijke toekomstdoelen, die meer gebaseerd zijn op psychologie (halvering, verdubbeling, naar 0 of naar 100 procent) dan realiteit. De doelstelling “in 2050 zijn we volledig klimaat-neutraal”, zoals in het Klimaatakkoord, is zo’n toekomstbeeld. En vanwege de onzekerheden weten we ook dat tussen-doelen in 2030 geen garantie zijn op het behalen van doelen in 2050: immers, er kunnen allerlei onvoorziene hobbels op de weg komen. Andersom weten we ook dat we niet automatisch verloren zijn als we de doelen van 2030 niet halen, want ontwikkelingen bouwen altijd een ‘momentum’ op. Na een kantelpunt kunnen zodanige synergiën ontstaan dat ontwikkelingen exponentieel verlopen. We kunnen dan alsnog doelen in 2050 halen.

Hoe kun je dan toch enige grip krijgen op een transitie? Deze is immers belangrijk om draagvlak bij bedrijven en burgers te behouden voor soms ingrijpende maatregelen.

Een routekaart naar de toekomst

In de hightech-industrie is een manier gevonden om innovaties binnen de eigen sector beheersbaar te maken. Er wordt gebruik gemaakt van zogeheten technology roadmaps, waarbij ambitieuze doelen worden gesteld voor over tien tot twintig jaar, op basis van door experts en betrokkenen verwachte technologische ontwikkelingen. Hieruit kunnen bedrijven voor zichzelf (twee)jaarlijkse tussendoelen afleiden. De roadmap geeft richting voor de gehele sector en wordt gedragen door vrijwel de hele sector. Iedere producent of ontwikkelaar, zoals het Nederlandse ASML, weet waar hij aan toe is en in welk jaar zijn producten aan bepaalde specificaties moet voldoen. Nieuwkomers weten dat zij alleen kans maken als ze kunnen meekomen of als ze de roadmap kunnen verslaan door met betere producten te komen. Door voortdurend naar de ‘state of the art’ van de technologie te kijken kan een ambitieuze maar haalbare roadmap gevolgd worden die bedrijven richting en houvast geeft bij hun ontwikkeling.

Een technology roadmap helpt om grip te krijgen op de technologie-ontwikkelingen

Door zo gericht te innoveren is het de hightech-industrie de afgelopen vijftig jaar gelukt om jaarlijks de rekenkracht van computerchips te verdubbelen bij gelijkblijvende kosten. Een prestatie die door geen enkele andere branche is geëvenaard. De roadmap wordt elke paar jaar bijgesteld: sommige ontwikkelingen gaan langzamer dan gedacht en nieuwe doorbraken kunnen voor een versnelling zorgen.

Naar analogie met de industrie zou de overheid, in nauwe samenwerking met technologiebedrijven en kennisinstellingen, kunnen werken aan een roadmap gebaseerd op enkele technologieën zoals zon, wind en waterstof die een sleutel vormen naar een duurzame toekomst. Zo krijgt de energietransitie een tastbaar tijdpad met realistische tussenstapjes. Tevens wordt zichtbaar waar huiswerk nodig is om ontwikkelde technologieën marktrijp te maken en te werken aan draagvlak. Uit de roadmap kan ook blijken dat het bijvoorbeeld verstandiger is om woningen pas later van het gas af te schakelen als bijvoorbeeld nieuwe waterstoftechnologieën die dezelfde infrastructuur gebruiken als gas, verder zijn ontwikkeld.

Nieuwe rol voor de overheid

Zo zien we dat er bij de energietransitie de komende jaren steeds meer behoefte is aan een coördinerende en regisserende rol voor de overheid. Een overheid die een platform biedt van afspraken en standaarden waarop bedrijven met hun duurzame innovaties kunnen aanhaken. Met een roadmap wordt de transitie beter te overzien en voor te stellen en minder gebaseerd op meningen en wensbeelden.

De overheid zou een basis moeten bieden van afspraken en standaarden waarop de energietransitie gebouwd kan worden

Zo’n aanpak zou de overheid vaker kunnen gebruiken, ook buiten de energietransitie, als het strategisch kijkt naar de stimulering van sleuteltechnologieën. De samenleving profiteert immers niet zozeer van generieke technologie-ontwikkeling maar van concrete innovaties: succesvolle maatschappelijke implementaties van die technologieën (in het dagelijks leven). Een roadmap biedt bovendien houvast om tijdig discussies te starten over de wenselijkheid en acceptatie zodat er draagvlak kan ontstaan voor de veranderingen. Alleen zo kan voorkomen worden dat de mooie plannen en technieken uiteindelijk in de la verdwijnen, stranden in de vallei des doods, en dat burgers zich vervreemden waardoor de energietransitie gaat haperen.

Zie ook: dit innovatie-advies voor de provincie Brabant