Platformen in de landbouw

Digitale disruptie in de landbouw: coöperatieve platformen als alternatief voor Monsanto

Vorige maand kondigde onderzoekscentrum Wageningen UR aan een aardappelplant te hebben ontwikkeld die resistent was tegen een zeer hardnekkige en gevreesde schimmelziekte. Daardoor zou 80% bespaard kunnen worden op bestrijdingsmiddelen bij de aardappelteelt.

Nieuwe gentechnieken zoals die in Wageningen ontwikkeld worden, beloven de landbouw sneller en efficiënter te maken. Tegelijkertijd hebben ze een grote invloed op de landbouwsector en de verdeling van macht en kennis tussen de spelers in het landbouw-ecosysteem.

Download hier een uitgebreide analyse van de ontwikkelingen in de landbouw, dit is afkomstig uit het boek ‘De kracht van platformen’.

Versnelling van innovatie

De afgelopen decennia is er veel veranderd in de landbouw. Dat is te danken aan de digitalisering en informatisering: eigenschappen van planten worden gekoppeld aan de genetische code, het DNA, en het analyseren ervan is exponentieel sneller en goedkoper geworden. Het kruisen van planten en bestuderen van de nakomelingen is steeds meer gerobotiseerd en geautomatiseerd. Nieuwe genetische technieken hebben hun intrede gedaan waarmee het mogelijk is om gericht eigenschappen van planten te veranderen en daarmee nieuwe soorten te ontwikkelen. Soorten die beter zijn voor de consument (lekkerder of gezonder) of voor de producent (resistent tegen ziektes, beter te schillen en snijden, meer opbrengst).

Dat heeft de afgelopen decennia geleid tot verbeterde gewassen zoals mais en rijst en een hogere opbrengst van alle groenten. Met al die technieken kunnen veel sneller nieuwe soorten ontwikkeld worden dan via de traditionele methoden waar ervaren boeren goed in waren.

PVI - bw-proef4 20140922.indd
Schematische weergave van de werkverdeling tussen ontwikkelaars (veredelaars, GM-bedrijven) en boeren in de traditionele situatie (links) waarbij planten middels kruisen worden veredeld, tegenover de moderne situatie met gebruik van genetische modificatietechnieken. (Uit: De kracht van platformen. M Kreijveld, 2014)

Machtsverschuiving: domme boeren, slimme laboratoria

Net als in andere sectoren zien we dat digitalisering invloed heeft op de structuur van de sector, op de werkverdeling tussen spelers in de keten en wie daarin een controlerende positie inneemt.

De macht is steeds verder verschoven ‘van het land naar het lab’. Waren het vroeger de boeren die specifieke kennis hadden over de planten en de groei ervan in relatie met vocht, ondergrond en voeding, nu zit die kennis in toenemende mate bij ontwikkelaars van nieuwe zaden, de veredelaars, die de kennis uit de data halen: de genetische code. In het lab bedenken zij nieuwe soorten met gunstige eigenschappen. Aan de boer op het land nog ‘slechts’ de taak om het plantje te laten uitgroeien en de opbrengst te oogsten. Zijn toegevoegde waarde is afgenomen. De ontwikkelaar verdient zijn kosten terug met de verkoop van zaden die de boeren ieder(e paar) jaar opnieuw moeten aanschaffen.

De complexe technologie en de vele ontwikkelingen zijn voor een boer nog amper te volgen en de hoge investeringen kan hij zelfstandig niet opbrengen. Feitelijk is hij afhankelijk geworden van technologie-leveranciers. Een afhankelijkheid die zal groeien met de opkomst van sensoren en precisielandbouw waar de grote jongens uit de hightech-bedrijven zoals Philips en Google hun oog op hebben laten vallen.

In de veeteelt is een discussie gaande over het eigenaarschap van de data die melkrobots verzamelen: hebben boeren toegang tot de data die de fabrikant van de melkrobot verzamelt? Hieruit is namelijk inzicht te krijgen over de beste fokstieren en de voeding die koeien moeten krijgen voor een optimale melkproductie. Vroeger konden boeren dat aanvoelen per koe. Nu zijn de bedrijven grootschaliger en efficiënter geworden en loopt het via geautomatiseerde systemen die beheerst worden door de aanbieders.

Velen voorzien dan ook dat de boer van de toekomst een datamanager wordtWilt u alvast een indruk krijgen hoe dat eruit kan zien speel dan het spel Superboer (een soort Farmville), gebaseerd op echte live data van echte koeien.

Groot, groter, grootst

Daarbij komt een andere ontwikkeling die we vaker zien bij de huidige technologische ontwikkeling: door consolidatie blijven slechts enkele grote spelers over die de markt domineren. Zo zijn er in veel gewassen, denk aan mais, rijst, tulpen, tomaat, broccoli, sla, nog slechts twee tot vijf grote zadenproducenten over. Nederland heeft met Enza Zaden en RijkZwaan twee top 5 spelers in huis.

De grote spelers hebben de neiging om hun vondsten te beschermen met patenten. Voortdurend breiden zijn hun portfolio uit en de invloed ervan zodat ze steeds meer controle krijgen en houden over gewassen. De speelruimte voor andere partijen inclusief onderzoekslaboratoria, wordt meer en meer ingeperkt. De twee grootste spelers, Monsanto en Syngenta zijn ook nog eens de grootste leveranciers van bestrijdingsmiddelen die graag in combinatie met hun planten verkopen.

Hier zien we iets vergelijkbaars als in de telecomindustrie: de enkele grote spelers snijden proberen elkaar met patenten de pas af te snijden (zoals Apple en Samsung/Google) met patenten en wisselen tegelijkertijd regelmatig patenten uit om door te kunnen gaan met de ontwikkelingen. Kleinere spelers hebben het lastig: zij hebben geen groot portfolio om uit te wisselen. Die staan dus onder druk.

Boeren worden dus steeds afhankelijker van slechts een klein groepje bedrijven en kunnen alleen via schaalvergroting hun inkomen verhogen. En waar vroeger de nationale overheden nog toegang hadden tot hun landbouw, is dat nu vrijwel volledig in private handen. Daar komt nog een argument van biodiversiteit bij: in Noord-Amerika mislukten enkele jaren geleden grote maisoogsten omdat, alle afkomstig van Monsanto, ze allemaal getroffen werden door dezelfde ziekte. Er is dus ook een steeds grotere maatschappelijke vraag: hoe houden landen toegang tot hun eigen landbouwgewassen?

Een tegenbeweging: coöperatieve platformen

Daar waar de markt een neiging heeft tot schaalvergroting, reductie van diversiteit, patentering en machtsconcentratie, is er ook een groeiend aantal initiatieven dat daaraan tegenwicht biedt. Een kleine bloemlezing.

Een groep bedrijven en onderzoeksinstituten lanceerde het Open Source Seed Initiative dat van zoveel mogelijk groenten, fruit en kruiden open source varianten beschikbaar stelt. Deze zaden mogen wél worden hergebruikt, gedeeld en doorontwikkeld door wie dat wil. Wie zich aansluit bij dit initiatief belooft dat hij anderen niet zal beperken bij de zaden of technologie die hij op basis van deze open source zaden ontwikkelt. Open source heeft ook in de ICT een belangrijke positie verworven, denk aan o.a. Linux en het daar deels op gebaseerde Mac OSX, en Android dat ooit als open source software is begonnen waarmee Google een snelle intrede in de mobiele markt kon doen.

Chipsfabrikant Lays zette samen met Cambridge een platform op om aardappelboeren te helpen hun opbrengst te verhogen en CO2 –uitstoot te reduceren. Goedkope sensoren, eenvoudige metingen van de samenstelling van voedingsstoffen in de bodem en de vochtigheidsgraad, gecombineerd met foto’s van de planten worden door het platform geanalyseerd en geven gedetailleerd inzicht in de groei.

Het platform WeFarm helpt boeren, ook in arme landen, om eenvoudig en goedkoop onderling informatie uit te wisselen. Daarmee kunnen ze vragen aan elkaar stellen en wereldwijd crowdsourcen.

Via FarmHack, een online gemeenschap, wisselen jonge boeren kennis en informatie uit over nieuwe landbouwtechnieken. Regelmatig organiseren ze hackatons en doehetzelf-workshops waarbij ze elkaar leren omgaan met drones, sensoren en robots.

Een nationaal aardappelplatform?

De voorbeelden hierboven laten zien dat er ook een tegenbeweging mogelijk is die de kennis- en machtspositie van boeren versterkt en die overheden meer toegang geeft tot hun eigen gewassen, die van groot nationaal belang zijn. Met dezelfde ICT-technologie zijn namelijk ook coöperaties van grote en kleine spelers te maken die gezamenlijk nieuwe innovaties ontwikkelen en die taken daarbij onderling verdelen en kennis combineren. Samenwerking die gecoördineerd kan worden via een platform.

Een uitgebreide analyse van de ontwikkelingen in de landbouw kunt u lezen in hoofdstuk 6 van het boek ‘De kracht van platformen’.

Geen centrale machtsconcentratie, zoals we die kennen van Monsanto, Microsoft en Uber, maar gedecentraliseerde verdeling van macht en taken, en een benutting van de ‘wisdom of crowds’. In een toekomst waarin duurzaamheid, maatschappelijk draagvlak en wederkerigheid belangrijkere waarden worden, hebben we als samenleving behoefte aan meer platformen die op deze waarden gebaseerd zijn.

Zie ook de discussie in Tegenlicht over de waarde van delen, o.a. via deze link.

Dit artikel werd gepubliceerd op Marketingfacts.

Foto: Potatoes grown in the Kibirichia area of Mount Kenya. Photo taken as part of a project examining the impact of climate change on agriculture. CC-BY-SA: Steven Walling.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s